Strafke
header-stripes

Den Diksjonèèr steekt in het nieuw

Geschreven door Truineer op vrijdag 7 juni 2019 in rubriek Nieuws

Fotograaf: Truineer
Het Neigemenneke heeft ter gelegenheid van het Trudojaar den Diksjonèèr opnieuw uitgegeven, een turf van 403 pagina’s.

Truierlands in de taalkunde ook Sintruins of Sint-Truiderlands genoemd, is de verzamelnaam voor een groep taalkundig min of meer Limburgse dialecten die worden gesproken in het westen van de Belgische provincie Limburg en enkele plaatsen in het uiterste oosten van de provincie Vlaams-Brabant, ruwweg in het gebied van Herk-de-Stad, Nieuwerkerken, Rummen, Sint-Truiden, Gingelom, Walshoutem en Walsbets. Kenmerkend voor het Truierlands is het gebruik van het Limburgse meervoudsumlaut. Het meervoud van pot is pöt, ten westen van het Truierlands gebruikt men potte. In het hele gebied zegt men dzjé voor het Nederlandse je of het Brabantse gij. Tot zover de theorie.’t Neigemènneke, de Sint-Truidense kring voor dialect en volkskunde heeft op de vraag van vele Truienaren en in het teken van het Trudojaar besloten een herdruk van den Diksjónèèr uit te geven. Het enige echte woordenboek van het sappige en ver buiten de stadsgrenzen gesmaakte Truiense dialect. Daaraan heeft regisseur Michaël Roskam een grote verdienste met zijn film “Rundskop”In 1981 nam wijlen dr. Tony Gilen het initiatief om het Sint-Truidens dialect op te tekenen. Een groep enthousiaste Truienaren kwam samen om dit project te verwezenlijken. De groep telde oorspronkelijk negen leden, reden om de groep ’t Neigemènneke te noemen, maar ook met een knipoog naar een torentje uit de middeleeuwse omwalling van de stad.Den Diksjónèèr presenteert u op 403 pagina’s een unieke verzameling van dialectwoorden met hun vertaling in het Algemeen Nederlands en met uitdrukkingen waarin ze gebruikt worden. “Hierdoor is dit project méér dan een gewoon woordenboek” vertelt Dany Engelbosch. “Voor de “dialect-leek” is dit boek dé leidraad om specifieke dialectwoorden te vinden die afwijken van het gekende woord in het Algemeen Nederlands. De schrijver en lezer van dialectteksten vindt in dit werk de spraakkunst die aangeeft waar het dialect afwijkt van het Algemeen Nederlands en afspraken over de spelling en de schrijfwijze van het dialect om het voor iedereen leesbaar te maken, de SAST (Sint-Truidense Aangepaste Spelling). Ook de spreker vindt zijn gading in het overzicht van klanken en schrijfwijze met verwijzing naar analogieën in het Algemeen Nederlands en andere talen. Weet u, de taal zit in het DNA van een volk, waar mensen samen komen, is dat hun band. Zeker in Sint-Truiden.” Taal zegt veel over de sprekers ervan. Uit het Truierlands blijkt dat de sprekers ervan veel gevoel voor humor hebben. ‘Truineers’ eten en drinken graag, zijn open en gastvrij en gebruiken humor om mensen op hun gemak te stellen. De licht overdrijvende humor en plezante zelfspot komt geheel tot zijn recht in het Truiense dialect. Het eindeloos kunnen uitvinden van charmante scheldwoorden, denk maar aan de penspony’s, is dan ook een Truiense volkssport bij uitstek”, vertelt Michaël Roskam over zijn dialect. Met die bedenking dat de ‘penspony’ in de wereld werd gezet door een Zepperenaar, en het dialect van deze Truienaars is wel erg verschillend van dat van alle andere inwoners van onze stad.

 

 

Reacties



Ve zitten och op Faceboek