Historische achtergrond
De oorsprong van het monument grijpt terug naar 1982. Dat jaar was het precies 850 jaar geleden dat het historische ‘Narrenschip van Cornelimunster’ (uit de regio Aken) in Sint-Truiden werd verwelkomd. Historische bronnen vermelden dat de inwoners van Sint-Truiden reeds in 1133 zes dagen en nachten lang feestvierden rondom dit schip op wielen. Deze gebeurtenis geldt als een belangrijk referentiepunt in de literatuur over de geschiedenis van Vastenavond en Carnaval. Om deze historische gebeurtenis te bestendigen, liet de Koninklijke Orde van de Commeduur in 1982 een monumentale lantaarn vervaardigen met elf lichtpunten: de Elf Latsjanen. Het ontwerp werd gerealiseerd door de toenmalige Gieterij Brialmont.
Ceremoniële functie en verhuizingen
Het monument vervult een centrale rol binnen het protocol van het Truiense carnaval. Jaarlijks op 11 november omstreeks 19.11 uur worden de lichten ontstoken door de uittredende Stadsprinsen als officieel startsein voor het nieuwe carnavalsseizoen. Op Verloren Maandag, om elf minuten na middernacht, worden de lichten vervolgens formeel gedoofd ter afsluiting van de festiviteiten.
In de loop der jaren heeft het monument verschillende locaties op en rond de Groenmarkt gekend, om nog maar te zwijgen over de beschadigingen die het onderging door aanrijding. Oorspronkelijk stond het fier in het midden van het plein, maar na een heraanleg werd het verplaatst naar een sokkel aan de westzijde. Sinds de zomer van 2020 staan de Elf Latsjanen op een meer prominente, monumentale plek bij het stadhuis, waarbij de oorspronkelijke elf lampen eveneens werden vernieuwd. Zodoende vormt het monument vandaag de dag een vaste waarde in het Truiense straatbeeld.
Thema van het carnavalsseizoen
Ter gelegenheid van het 44-jarige jubileum staan de Elf Latsjanen dit seizoen centraal in de jaarorde en nieuwste pin van de Koninklijke Orde van de Commeduur, waardoor deze historische traditie gedurende het gehele seizoen door vele carnavalisten op de borst wordt gedragen.