Alain: “Ik ben afkomstig van Vliermaal. Maar toen ik afgestudeerd was als regent Nederlands-Engels ging ik les geven in het Klein Seminarie in Sint-Truiden. Ik hield dat negen jaar lang vol alhoewel ik dat niet erg graag deed. Gelukkig kon ik me uitleven in het Plusblad. Dat was een humoristisch, zelfs sarcastisch, kritisch blad. Een beetje te vergelijken met wat Trudocs vandaag doet. Oud-schepen Mil Londoz, inmiddels helaas overleden, had een groep mensen rond zich verzameld die wezen op alles wat er fout liep in Sint-Truiden. Ik zette één en ander op muziek.”
Tom: “Eerlijk gezegd: de school dat was niet echt aan mij besteed. In het middelbaar zat ik in het college van Sint-Truiden en vervolgens bij de Broeders. Daarna trok ik naar de VUB in Brussel. Maar ik doolde meer rond in de stad dan dat ik op de schoolbanken zat. Ik probeer mijn dochter Lola daar voor te behoeden. Zij is 18 en studeert psychologie aan de KUL. Ik druk haar ook op het hart dat ze haar verantwoordelijkheid moet nemen. Maar met meisjes is dat niet moeilijk hoor. Ik heb ook nog een zoon van zestien jaar. Arthur. Hij is supporter van Union en studeert sport in Overijse. Maar hij is een levensgenieter.”
“School was niet aan mij besteed, ik doolde meer rond in de stad dan dat ik op de schoolbanken zat.” – Tom
Zowel papa Alain als zoon Tom hadden één grote droom: journalist worden. Alain gaf het grote voorbeeld.
Alain: “Ik ben begonnen als radioverslaggever bij de BRT, voor de matchen van STVV. Zo leerde ik Jef Cleeren kennen die mij in contact bracht met Joris Jacobs van Het Nieuwsblad waarvoor ik plaatselijke correspondent werd. Ik heb daarna ook nog een jaar voor Sport/Voetbalmagazine gewerkt. In 1979 deed ik dan mee aan een examen van de toenmalige BRT. Ik was geslaagd zowel voor de radio als voor de televisie.”
En zie, plots ging het supersonisch snel. Eerst stond Alain Coninx als sportjournalist in voor de verslaggeving van ondermeer voetbal en atletiek en later kwam hij in beeld in Panorama, Terzake en de Zevende Dag om slechts enkele topics te noemen.
Alain: “Ik ben vooral fier dat ik één van de oprichters ben van Terzake. U moet weten dat het toenmalige BRT 2 – het huidige Canvas – een woestijn was, een lege doos waar niemand naar keek. Samen met Dirk Tieleman en Dirk Sterckx heb ik toen aan de wieg gestaan van het duidingsprogramma dat vandaag nog altijd bestaat. We werden au sérieux genomen en we kaapten bijvoorbeeld de HA! van Humo weg.”
“Ik ben fier dat ik één van de oprichters ben van Terzake.” – Alain
Nu ja, zoon Tom moet er niet voor onderdoen. Zijn journalistiek parcours startte bij de VRT in ‘98 (Studio Brussel, Canvas, Sporza) en liep via VT4 naar VTM (o.m. sportanker en presentator van Stadion).
Tom: “De eerste keer in die radiostudio van Studio Brussel in 1998, dat vergeet ik nooit. Daar een programma mogen presenteren, dat was gewoon fantastisch. Mijn programma Kinky Coninx was hilarisch. Dat was pure nachtradio van 11 uur ’s avonds tot 1 uur ’s nachts. Ik deed daar de gekste dingen die men zich kan inbeelden. Ik zal een voorbeeld geven. Internet kwam toen pas kijken. Toch deden we in het midden van de nacht een oproep: wie is nu via internet naar Studio Brussel aan ’t luisteren? Nauwelijks één minuut later had ik al iemand aan de lijn. Hij belde helemaal vanuit het verre Australië!”
Nadien heb je een heel parcours afgelegd. Maar nu ben je letterlijk en figuurlijk uit beeld verdwenen.
Tom: “Ik werk nu voor Caravaggio Media. Dat is in feite een soort mini-Belga. Ik lever beeldmateriaal aan de VRT, RTBF, Mediahuis, noem maar op. Dat kan ’s morgens de eedaflegging zijn van de nieuwe regering, in de namiddag een schietpartij in Anderlecht en ’s avonds interviews na een voetbalmatch. Ik lever dat sporadisch aan de media of ik werk op bestelling. Ik ben vrij snel en goedkoop waardoor ik een goede afzetmarkt heb. Ik doe soms acht, negen reportages per dag. Van de Wetstraat tot de Dorpsstraat. Ik ben een vliegende reporter van 6 uur ’s morgens tot 10 uur ’s avonds. Ik woon trouwens met mijn vrouw Luigia deels in Ukkel, deels in Napels. Dat gaat perfect met onze kinderen. Aura is 1,5 jaar en Paolo 4. Zij gaan in Ukkel naar school én in Napels. Dat is een mix van Nederlands, Engels, Frans en Italiaans. Trouwens als ik in Napels ben, werk ik voor het nieuwsplatform Napoli Today. Die keten heeft 56 kanalen, onder andere ook Bruxelles Today.”
En waarmee vul jij jouw dagen als gepensioneerde journalist?
Alain: “Ik lees twee, drie kranten per dag. Dat is een verslaving. Ik trek ook twee, drie keer per week naar de fitness om mijn spieren niet te laten verslappen. Ik wandel elke dag ook minstens één uur lang en ik trek eropuit. Naar Brussel, naar Gent, naar Antwerpen, noem maar op. Niet om daar de zoo te gaan bezoeken maar om de cultuur op te snuiven in het Rubenshuis bijvoorbeeld. En ik kijk uiteraard ook op televisie naar het Nieuws, Terzake, de Afspraak én naar live voetbalmatchen. Niet van Cercle Brugge of van Dender, maar van Club Brugge, Anderlecht, KRC Genk en STVV natuurlijk.”
STVV, wat een revival beleefden de Kanaries dit seizoen.
Alain: “Eerlijk gezegd: ik ben super verrast dat ze dat klaar speelden. Vorig seizoen was toch één en al miserie, niet? Dat was gewoon niet om aan te zien. Maar dit seizoen brengen ze fris voetbal. De Japanners hebben blijkbaar geleerd van hun fouten en dit keer goede voetballers binnengehaald.”
Tom: “De inbreng van de Japanners is inderdaad een zegen geweest voor STVV. Nu moeten ze de knoop doorhakken: willen ze dat STVV een doorgeefclub blijft die goedkope spelers binnenhaalt om hen duur te verkopen of willen ze de komende jaren constant top zes spelen en meedoen voor de prijzen? Ze moeten zich spiegelen aan Union. Daar zijn het trouwens Truienaars geweest die voor de nodige structuur hebben gezorgd.”
Helaas hebben andere Truienaars hun stad de laatste jaren negatief in het nieuws gebracht, niet?
Alain: “Die scandalitis die aan het licht kwam, stoort me enorm. Okay, de Truienaars zelf kunnen daarmee lachen. Maar zo komt dat in de rest van Vlaanderen niet over. Het is doodjammer wat er allemaal gebeurd is. Maar er is in mijn ogen toch weinig nodig om dat weer om te buigen en een goeie sfeer te creëren. Er zijn nog altijd aardig wat lekkere restaurantjes, fijne cafés en aardige terrassen in de stad. Ik kom er nog altijd erg graag.”
“Ik heb hier tot mijn achttiende de mooiste tijd van mijn leven gehad. Op de Beek, in het Bistroke, in de Pub, in de Key, noem maar op.” – Tom
Tom: “Die band die ik heb met Sint-Truiden gaat nooit weg. Ik heb hier tot mijn achttiende de mooiste tijd van mijn leven gehad. Op de Beek, in het Bistroke, in de Pub, in de Key, noem maar op. En ik heb Jef Cleeren leren kennen natuurlijk. Ik zie hem nog rondrijden, onze vriend van elke dag, in die Peugeot 504. Ook toen ik weg was uit Sint-Truiden belden wij nog regelmatig met elkaar. En natuurlijk mijn moeder woont nog altijd in Sint-Truiden. Ik kom hier nog regelmatig. Er zijn nog altijd mensen die iets betekenen of betekend hebben zoals Pascal Vossius, Koen Vanmechelen, Roland Duchâtelet, Lon Polleunis zaliger, enz. Maar dé uitdaging is natuurlijk dat je ook in Sint-Truiden, net als in andere steden, een nieuwe bevolking krijgt. Ook hier kom je terecht in een mix van nationaliteiten. Dat moet goed gemanaged worden. Sint-Truiden moet altijd Sint-Truiden blijven. Of om het met die fantastische slogan te zeggen: Truienaars zijn en moeten a ras apoat blijven.”