Truineer Nieuws melden?

Saffraanberg is klaar om defensie op te schalen

Gezien de nieuwe geopolitieke realiteit staat kolonel stafbrevethouder Mario Engels voor de uitdaging dat er in de Koninklijke School voor Onderofficieren (KSOO) in Saffraanberg enkele honderden mensen – meer bepaald Onderofficieren – extra worden opgeleid.

 

Gezocht: 10.000 extra manschappen in 2029

Sinds Vladimir Poetin zijn troepen Oekraïne liet binnenstormen wordt er in Europa meer dan ooit over een betere verdedingslinie gesproken. “Open uw ogen”, zo klopte Amerikaans president Donald Trump in Washington ook op tafel. “En besteed 5% van uw BBP aan defensie voor de NAVO.” “En laat er ons voor zorgen dat er in ons land 10.000 extra-manschappen bijkomen tegen 2029”, voegde de Belgische defensieminister Theo Francken er fijntjes aan toe. Meteen ook een uitdaging voor kolonel stafbrevethouder Mario Engels. Hij moet er immers voor zorgen dat er in de Koninklijke School voor Onderofficieren (KSOO) in Saffraanberg enkele honderden mensen – meer bepaald Onderofficieren – extra worden opgeleid.

 

“Trump heeft Europa plots wakker geschud”, geeft kolonel SBH Engels toe. “In ons land heeft defensie het 35 jaar lang met een sluitingsbudget moeten stellen. Als er pakweg in de sociale zekerheid geld moest gevonden worden, werd er gewoon gesnoeid in het defensiebudget. Nu zou dat plots in een handomdraai moeten veranderen. Maar zo werkt dat natuurlijk niet. Het duurt minstens vier, vijf jaar vooraleer ons leger over nieuw materieel beschikt. Bovendien is dat zo hoogtechnologisch van aard dat ook het vormen van geschikt personeel allerminst vanzelfsprekend is.”

Wordt dat niet uw opdracht nu minister Theo Francken over 10.000 manschappen extra wil beschikken tegen 2029?

“Dat zijn niet allemaal beroepsmilitairen hoor. Het gaat ook om reservisten, dat zijn mensen die minstens een militaire basisopleiding gevolgd hebben en op wie men kan terugvallen als men hen nodig heeft. Zo’n opleidingen kan men onder meer volgen in Leopoldsburg, in Marche-en-Famenne en in regionale vormingscentra verspreid over het hele land. In Saffraanberg, de Koninklijke School voor Onderofficieren (KSOO), worden voornamelijk onderofficieren opgeleid. Heel kort door de bocht gesteld bestaat de KSOO uit drie departementen: naast de voortgezette vorming van oudere onderofficieren en de technische vorming van voornamelijk luchtmacht-techniekers, wordt bij ons de basisvorming van de onderofficieren verzorgd. In totaal goed voor zo’n 2.500 leerlingen per jaar. Wat dan specifiek de basisvorming betreft gaat het concreet om zo’n 1.000 leerlingen per jaar. Maar vanaf september komen er in Saffraanberg twee pelotons bij, een tachtigtal personen dus. En begin volgend jaar starten er in Doornik nog eens zes pelotons, goed voor 240 personen, die ook van KSOO zullen afhangen.”

Hoe maakt u mensen warm om bij jullie een opleiding te kiezen? “Binnen Defensie is dat een bevoegdheid van het Directoraat- Generaal Human Resources (DGHR), meer bepaald de afdeling Recrutering & Selectie. Samen met onze PR-diensten en de eenheden zelf trachten wij mensen warm te maken om naar Defensie te komen. Zo organiseren wij in Sint-Truiden elk jaar in de maand maart een open campusdag. Dit jaar zijn daar 6.000 geïnteresseerden op af gekomen. De belangstelling voor Defensie is er dus.”

 

“Op onze open campusdag zijn 6.000 geïnteresseerden afgekomen.”

 

Tot die jongelui kennis maken met jullie staalharde aanpak en thuis blijven.

“Wij proberen iedereen tijdens die open campusdag duidelijk te maken wat een militaire loopbaan betekent. Maar dat neemt natuurlijk niet weg dat een aantal jongeren zich die loopbaan toch iets te vrijblijvend voorstellen en snel afhaken. Sommigen trekken na hun eerste week op Saffraanberg naar huis en klagen ‘mama, ik kreeg dat eten niet in mijn keel, hoor’. Of ‘papa, ik moet samen op de kamer liggen met vijf andere jongens’. We geven de ouders steeds een rondleiding bij het begin van elke nieuwe sessie zodat ook zij goed weten wat hun zoon of dochter hier te wachten staat.”

Zoon of dochter, zegt u. Valt het leger de laatste jaren ook in de smaak bij meisjes?

“Tussen de 10% en 20% van onze leerlingen zijn meisjes. Uiteraard slapen zij niet samen met de jongens. In totaal beschikken we hier in Saffraanberg trouwens over 1.200 bedden.”

Maar de meisjes volgen wel dezelfde basisopleiding als de jongens. Wat behelst dat? Leren in het gareel lopen?

“Wij brengen onze leerlingen eerst en vooral normen en waarden bij. Concreet zijn het er vier: moed, loyauteit, integriteit en respect. Verder wordt hier een strak dagschema gevolgd: op zondagavond zich op tijd aanmelden, elke dag om 6 uur uit de veren, om 7 uur de vlag groeten, om 8 uur theorieles volgen, daarna praktijkles, sporten, enz. Maar na 19 uur wordt er geen les meer gegeven, kan iedereen zich ontspannen, maar ook studeren op zijn of haar kamer. En om 23 uur gaan de lichten uit.”

Die praktijklessen wat behelst dat?

“In de eerste tien weken volgt elke militair wat heet de militaire initiatiefase (MIF). Dat gaat dan over leren kaartlezen, een tent opzetten, een maaltijd klaarmaken op het terrein, schieten, een kompas leren lezen, noem maar op. Aansluitend volgen de onderofficieren dan de opleiding kader en sectie, waar men leert hoe men een tiental mensen aanstuurt voor de uitvoering van een tactische opdracht.”

 

Er zijn natuurlijk ook de fysieke proeven. Niet van de poes voor wie Kamp Waes gezien heeft?

“Kamp Waes was gericht op de Special Forces, de crème de la crème van Defensie zeg maar. Bij ons moeten ze natuurlijk ook fysiek in orde zijn en bijvoorbeeld in staat zijn om een hindernissenpiste af te leggen en 2.400 meter lopen in een bepaalde tijd. Maar wij vragen geen onmogelijke dingen – er haakt onderweg zo’n 30% kandidaten af – en mits enige training kunnen de meeste jonge lichamen de fysieke proeven wel aan. Het spreekt voor zich dat Defensie nood heeft aan fitte mensen.”

 

“Moed, loyauteit, integriteit en respect: dat zijn onze normen en waarden.”

 

Jullie beschikken eveneens over een technisch departement. Wat behelst dat?

“Het gaat om leerlingen die gedurende enkele jaren gevormd worden om later in pakweg in Kleine-Brogel of in Florennes aan vliegtuigen te gaan sleutelen. Verder bieden wij op kosten van Defensie aan zo’n 200 leerlingen een professionele bacheloropleiding aan in een 30-tal hogescholen. In ruil daarvoor verwachten wij dat ze na hun studies gedurende minstens een bepaalde periode voor ons blijven werken. We richten ons vooral op de technische profielen die we nodig hebben: mechaniekers voor zowel vliegend materiaal – zoals drones bijvoorbeeld – maar ook voor onze landvoertuigen, specialisten in pneumatica, IT- specialisten die kunnen omgaan met radiotransmissiemateriaal, voor elk profiel wat wils dus. Verder beschikken we in Saffraanberg ook over een voorbereidende divisie voor de Koninklijke Militaire School waar op dit ogenblik zo’n 120 mensen zich voorbereiden op de ingangsexamens om een loopbaan als officier binnen Defensie te starten, is er ook een taalcentrum en worden er vormingen zoals air cargo handling (de vracht leren juist plaatsen in een vliegtuig) en een cursus als instructeur aangeboden. In totaal beschikken we voor al deze vormingen over zo’n 500 personeelsleden waarvan één vijfde burgers zijn. Maar gezien de recente ontwikkelingen moeten we wellicht op zoek naar meer.”