Hele Standard-familie staat op: “Tous Ensemble”

Barre tijden zouden het worden op Standard, als we vele analisten moesten geloven. Maar zie, ondanks een non-match op Union, staan de Rouches na zes speeldagen toch maar mooi te blinken op een gedeelde vierde plaats. Met de fighting spirit die eigen is aan hun DNA, maar ook met goed voetbal. Eerste gewin is kattengespin, zeggen critici dan. Wij hechten meer geloof aan die andere spreuk: goed begonnen is half gewonnen.

© Standard

Eerst donkere wolken
De financiële situatie aan de Maas zou de traditieclub in onze zusterstee aan de Maas degraderen tot een gewone middenmoter, luidde het in aanloop naar het seizoen in zowat alle media. De kaarten waren volgens hen al geschud. Rien ne va plus, om het in de huistermen van club- en truitje sponsor Circus Casino en Sport te zeggen. Laat dat nu net één van de partners zijn die zich uitgerekend in deze omstandigheden net voor de start van dit seizoen een jaar langer aan de club bond. Omdat ze nog geloofden in het ‘product’ en de club Standard. Dat geloof bij de sponsors, de supporters, de bestuursleden, de staf en de spelers is onaangetast en staat als een huis. Na een moeilijk seizoen met enkel play-off 2 en een verloren bekerfinale op het palmares lijkt de hele familie tuk te zijn op een revanche. Tous Ensemble, Allemaal Samen, klinkt het ook in Limburg en in Sint-Truiden waar de Waalse traditieclub kan terugvallen op een stevige aanhang.

Dan een verrassend sterk begin
Hoe komt het dat dit Standard ondanks alles weer verrassend sterk voor de dag komt, kan je je dan terecht afvragen. De woorden van coach Mbaye Leye voor het seizoen vatten zowat alles samen. We citeren: “Wij willen opnieuw het Standard worden dat de aanhang wil zien. Met goed voetbal als het kan, maar altijd met de fighting spirit die zo eigen is aan het DNA van de club.” Niet alleen de financiële situatie, ook die visie van de coach, leidde tot de afroming van de kern en het van de hand doen van een aantal spelers die meer met hun ego dan met het ‘algemeen’ belang bezig waren. Natuurlijk zagen ze er ook vertrekken die ze in vroegere tijden zeker langer aan zich zouden gebonden hebben. Om Zinho Vanheusden en Michel-Ange Balikwisha niet te noemen. Maar er zijn nu eenmaal de  economische wetmatigheden. Wetmatigheden die Standard er echter niet van weerhouden hebben om een mooi team op de been te brengen, met jongens waarvan de neuzen allemaal in dezelfde richting wijzen, met een mix aan ervaring en jong talent uit de eigen, zo fantastische,  Académie en uit andere jeugdopleidingen. Jongens als Bodart, Siquet en Raskin, maar ook als Sissako, Peeters en Rafia zijn daar uitstekende voorbeelden van.

En nu uit en thuis bevestigen
Zijn hier alleen woorden van lof op hun plaats. Als we niet omkijken naar het verleden maar vooruitblikken op de toekomst, zeker wel. Dit Standard verdient alle krediet. Al is er natuurlijk nog veel werk aan de winkel om van Standard de Liège een team te maken dat continu presteert, zowel uit als thuis, een hele competitie lang. Als we eerlijk moeten zijn, neen, wij zien ze nog niet daartoe in staat. Leye en zijn team verdienen echter respijt, tijd om verder te groeien. Want groeimarge is er zeker wel. Wat er nu staat, gekoppeld aan die groei, kan het vorige miserabele seizoen helemaal doen vergeten. Passie, trots en inzet. Dat is waar Standard moet voor staan, dag na dag, week na week.  Naast het veld zijn die passie, trots en inzet nooit weggeweest. Niet bij de supporters, niet bij de sponsors. En op het veld lijken die drie steunpilaren helemaal terug. Alleen moet die goede start nu een goed vervolg krijgen. Lukt het, dan is de trein definitief vertrokken.