Doeme toch… gien Vlòj

Een match die alle kanten uit kon, dat was Genk-STVV. Maar Onuachu -wie anders- besliste daar in de slotminuten anders over. Het had nochtans ook omgekeerd gekund, maar het vizier van de spits aan de overkant -Duckens Nazon- stond ondanks veel goede wil allerminst op scherp.

© Kevin Vanhees

Moeilijk begin daar, in de Luminus Arena. met enkele fases waarin de kanaries ontsnapten aan een vroege achterstand: een poging van Ito van de lijn gehaald en een knal van Thorstvedt tegen de paal. Maar dat sterke openingskwartier van de thuisploeg kende niet meteen een vervolg en de kanaries konden af en toe toch wat komen piepen. Maar gevaar creëren, neen, dat zat er niet meteen in. Al had Nazon beter moeten doen, toen hijzelf centraal voorin een opening creëerde. Zijn poging dwarrelde immers naast.  Tot opluchting van de Genkse goalie, Maarten Vandevoordt, op dat moment de enige echte Truienaar op het veld. Perfecte grasmat trouwens daar in Genk.  Dat mag ook een keer benadrukt , de velden van Zulte-Waregem en Kortrijk in gedachten. Hoe dan ook: 0-0 bij de rust na een flauwe eerste helft.

Wat opwarmen…. daar waren de hoofdrolspelers en wij als pers aan toe. Vuurwerk buiten het stadion was hopelijk de voorbode van meer vuurwerk op het veld. Dat kwam er ook -even maar- vanwege STVV nog wel. Nazon, alweer hij, deed alles goed, maar besloot onbegrijpelijk ver voorlangs. Enige wapenfeit dat eerste kwartier in de tweede helft trouwens. Genk maakte even niks meer klaar. En als je in het tweede kwartier de ogen had gesloten, dan had je niks gemist. We zaten plots in moneytime. Wie nu zou scoren, zou ook verder bekeren, voelde je. Genk was er even kortbij, een kopbal van Heynen, maar Steppe lag goed plat. Er was ook even een handsgeval van Teixeira, maar dat werd door Boucaut gedecideerd genegeerd. De Ridder poeierde ook nog ’s van ver, en nu moest Vandevoordt echt voor het eerst uit zijn kot.  Het was het laatste wapenfeit van de Kanaries. Het vervolg kennen jullie. Game over, Genk gaat door.

En toch, toch gon ich murrege vlòj ete….